Winnaar ‘Talent’

Minaretten: je haat ze of je houdt van ze

Of de PvdA van Jeltje van Nieuwenhoven wordt de grootste in Den Haag, of de PVV van Sietse Fritsma. De Pers kreeg de twee Friezen voor het eerst bij elkaar aan tafel. Erg gezellig werd het niet.

Door

Marcia Nieuwenhuis namens De Pers

Hij woont in Scheveningen, Vertelt Sietse Fritsma. Jeltje van Nieuwenhoven schudt haar hoofd. ‘Het is óp Scheveningen’, zegt ze kortaf. Fritsma houdt vol: ‘Het kan allebei.’

Het is de eerste keer dat PvdA-voorvrouw Jeltje van Nieuwenhoven en PVV-voorman Sietse Fritsma het tegen elkaar opnemen, en de sfeer zit er meteen goed in. Beiden zijn lijsttrekker in Den Haag. Beiden kennen de weg in de Tweede Kamer. En beiden komen ze van oorsprong uit Friesland. Maar daar houden de overeenkomsten dan ook op.

Zelf woont Van Nieuwenhoven ín het oude centrum van Den Haag. Een prachtige plek, vindt ze. ‘Als ik uit mijn raam kijk, zie ik twee minaretten. Niet dat ik nou een bijzondere voorliefde voor minaretten heb, maar het idee dat een oude synagoge in de Wagenstraat hergebruikt wordt als moskee, vind ik mooi.’

Voor die gedachte heeft Sietse Fritsma maar één woord. ‘Ik vind het verschrikkelijk. Ik vind de islamisering van Den Haag verschrikkelijk en ik vind het ook verschrikkelijk dat er mensen zijn die de minaretten op een oude synagoge fantastisch vinden. Ik kan daar eerlijk gezegd niet bij.’

JvN: ‘U had liever gehad dat dat gebouw leeg stond en dat het daar stond te verworden in plaats van dat het nu een prachtige kerk is?’

SF: ‘Het zijn zeker geen prachtige minaretten. Ze staan symbool voor de dominantie die de islam wil hebben.’

JvN: ‘Vindt u dat ook van kerktorens?’

SF: ‘Het christendom is niet vergelijkbaar met de islam. De islam is een kwaadaardige, gevaarlijke, totalitaire ideologie…’

Van Nieuwenhoven begint door hem heen te praten: ‘Daar ben ik het dus he-le-maal niet mee eens.’

Fritsma gaat gewoon door met zijn betoog: ‘…die al onze vrijheden en kernwaarden bedreigt. Kerktorens horen bij de Nederlandse cultuur, die horen bij wie wij zijn. Daarom ben ik niet blij dat ik op de plaats van een westerse synagoge minaretten zie. Ik vind dat een achteruitgang die we moeten weren.’

Muts

Dan is er nog zo’n kwestie waar de koppige Friezen – Fritsma komt uit Franeker en Van Nieuwenhoven uit Noordwolde – het maar niet eens over kunnen worden. In het verkiezingsprogramma van de Partij voor de Vrijheid staat dat vrouwen in publieke functies geen hoofddoeken meer mogen dragen. Van Nieuwenhoven: ‘Ik zou wel eens willen weten wat Sietse Fritsma tegen mijn grootmoeder, uit Friesland afkomstig, gezegd zou hebben. Zij heeft haar hele leven altijd een muts gedragen. Ze had drie soorten mutsen: binnenmutsen, buitenmutsen en een slaapmuts. Ik heb mijn grootmoeder nooit zonder muts gezien.’

Geëmotioneerd vervolgt ze: ‘Die muts is maar één keer af geweest, in de Tweede Wereldoorlog voor de foto op haar persoonsbewijs. Mijn grootmoeder kreeg jaren later nóg tranen in de ogen als ze moest vertellen dat ze in het openbaar, voor vreemde mannen, haar muts af had moeten doen. Ik vind dat je je net zo vrij moeten kunnen voelen zonder muts, laat daar geen misverstand over bestaan, maar ga mij nou niet vertellen dat er geen vooruitgang is in de samenleving.’

Stellig en emotieloos pareert Fritsma haar betoog. ‘Hier blijkt de naïviteit van mevrouw Van Nieuwenhoven maar weer uit. Anders dan een muts is een hoofddoek een symbool van de islamitische ideologie waarin de vrouw minderwaardig is aan de man. Simpel zat. Hier is geen discussie over mogelijk: de hoofddoek is een symbool van vrouwenonderdrukking.’

Van Nieuwenhoven, de eerste vrouwelijke Kamervoorzitter in de Nederlandse geschiedenis, volhardt: ‘Mijn grootvader hoefde ook geen muts op toen hij ging trouwen, dat was alleen voor vrouwen. Géén van de vijf dochters van mijn grootmoeder heeft ooit een muts gedragen. Zij moesten al lachen bij het idee dat ze een muts op zouden moeten doen.’

De PvdA-lijsttrekker legt uit dat haar partij gelooft in ‘het leren van de tijd’. ‘Er is altijd emancipatie.’ Soms gaat dat, zoals bij haar familie, in één generatie. En soms zijn daar drie of vier generaties voor nodig. ‘Ik ben nog nooit iemand tegengekomen met een hoofddoek die zich onderdrukt voelde. In één van de debatten voor de verkiezingen voerde deze week nog een vrouw met een hoofddoek het woord die advocate is. Een zelfstandige, geëmancipeerde vrouw die helemaal geen man nodig heeft om te weten wat ze wil. Accepteer die hoofddoek gewoon. Of kiest u ervoor om, net zoals de Duitsers, die muts van mijn grootmoeder te weigeren?’

Het PVV-Kamerlid: ‘Het is echt onbegrijpelijk dat de PvdA het woord emancipatie überhaupt nog in de mond durft te nemen, als die partij toestaat dat vrouwen apart worden gehouden van mannen vanuit minderwaardigheid. Als je dat toestaat, sorry hoor, maar dan ben je niet goed wijs.’

Het duo zit onwennig, met de handen ineen gevouwen, naast elkaar. Ze kijken vooral vooruit. Ze snappen elkaar niet. Voor Fritsma is ‘de tijd van melkertbanen nu écht voorbij’, voor Van Nieuwenhoven niet. Van Nieuwenhoven zegt weliswaar dat de PVV voor veiligheid iedere dag bij de PvdA mag aankloppen, ‘maar als u dat wilt doen met aparte commando’s die mensen in de knieschijf willen schieten, dan ben ik niet thuis’. Zij wil de laatste paar uurtjes gescheiden zwemmen in het zwembad graag behouden. Hij vindt het op zijn beurt weer ‘on-be-grij-pe-lijk hoe zij kernwaarden als gelijkheid tussen man en vrouw verkwanselt’. ‘Dat is echt het domste wat je kunt doen.’

Onzinsubsidies

Eigenlijk zijn ze het in het hele gesprek maar één momentje oprecht eens met elkaar. ‘Schone en gezellige winkelstraten, daar ben ik ook heel erg voor’, zegt Van Nieuwenhoven in reactie op het twee A4’tjes tellende verkiezingsprogramma van de PVV. ‘Schoon, heel en veilig, noemen wij dat.’

Dan gaat haar blik naar de overige punten, en kan het ruziën weer verdergaan. Over het mes dat de PVV in de tientallen miljoenen aan ‘onzinsubsidies’ wil zetten bijvoorbeeld. ‘Laten we maar even de koe bij de hoorns vatten’, zet Van Nieuwenhoven de aanval in. ‘Jullie subsidiestop voor het Residentie Orkest, één van de belangrijkste orkesten van het land, heeft een heleboel mensen ontzettend aangegrepen. Ik vind het puur genieten van muziek heel belangrijk.’

SF: ‘De PVV is niet tegen kunst en cultuur, maar wel tegen subsidies. Wij vinden het niet goed dat Jan Modaal moet betalen voor dat kleine eliteclubje dat graag naar het Residentie Orkest wil. Ik heb de indruk dat dat juist een club mensen is die dat heel goed kan betalen. Ik zie niet in waarom we dat met z’n allen moeten sponsoren.’

JvN: ‘Maar de kinderen van Jan Modaal hebben ook muziekles van die mensen.’

SF: ‘Muziekles is overal te krijgen, ook bij particuliere leraren. Onze filosofie is: als je een fors gedeelte van het subsidiegeld teruggeeft in de vorm van lastenverlichting, kan iedereen zelf kiezen wat ze leuk vinden. Nu bepaalt het college van burgemeester en wethouders wat er met al dat gemeenschapsgeld gebeurt. Laat dat alsjeblieft aan de mensen zelf over.’

JvN: ‘Gelukkig is de gemeenteraad het hoogste orgaan in de stad en zijn het de burgers die de gemeenteraad kiezen. Dat zou u als kandidaat voor een politieke partij ook moeten weten. Maar wat ik veel erger vind is dat je doet voorkomen of de burgers straks zelf kunnen beslissen wat ze willen. Met dat ene budgetje dat je als eenvoudige Haagse belastingbetaler hebt, kun je onmogelijk al die dingen kopen waar de gemeente nu in voorziet. Dat betekent dat je in ruil voor individuele verrijking, publieke armoede creëert.’

SF: ‘De PvdA is nu duidelijk een elitepartij. U neemt het niet op voor de veiligheid, maar voor het Residentie Orkest, een hele foute route.’

JvN: ‘Je probeert nu op een hele handige manier het onderwerp te verleggen, maar die truc ken ik. Overlast moet je keihard aanpakken, maar we hebben het nu over cultuur. In vroeger tijden was opera altijd al iets van het volk. Den Haag is de stad van de Golden Earring, Kane en Anouk. Ik zie niet in wat er elitair is aan muziek en dat laat ik me ook niet aanpraten.’

SF: ‘Ik vind dat de PvdA een minachting voor de burger tentoon spreidt. Als er tegenspraak is vanuit de bevolking, zegt PvdA-wethouder Henk Kool doodleuk dat je de gewone burger niet te veel voor het zeggen moet geven in Den Haag. Want voor je het weet dan heeft het crapuul van Wilders het voor het zeggen. Wij willen Den Haag weer teruggeven aan de burger.’

JvN: ‘Als je de stad terug wilt geven aan de burger moet je je wel goed realiseren dat 48 procent van de Haagse bevolking bestaat uit niet-westerse allochtonen, mensen die generaties geleden naar Den Haag gekomen zijn. Dan is mijn vraag wat heb je te bieden aan die helft die op een heel andere manier wil leven dan de PVV?’

SF: ‘De PVV zegt ook altijd dat we geen problemen hebben met allochtonen die onze kernwaarden delen en zich wél aan de regels houden.’

JvN: ‘Maar wat als hun godsdienst islamitisch is? Dan willen ze ook naar de moskee, naar een islamitische school en hun dochters willen dan misschien ook wel hoofddoeken dragen. Op het moment dat het een individuele beslissing van iemand is om zich op een bepaalde manier te gedragen, zegt u: dat kan niet in Nederland. Dat is niet eerlijk, meneer Fritsma, dat is echt niet eerlijk.’

SF: ‘Niet voor niets maken wij altijd onderscheid tussen ideologie en individuele moslims. Maar wij willen er inderdaad geen moskee meer bij hebben.’

JvN: ‘Alleen die bevolking die groeit…’

SF, luider: ‘Dankzij de PvdA ja! Daadoor groeit die bevolking als kool! We breken het ene na het andere immigratierecord. Dat is een van de problemen van de massa-immigratie.’

Van Nieuwenhoven begint te lachen. ‘Ik dacht al, waar blijft ‘ie.’

Op het pluche

Het moge duidelijk zijn: in Den Haag valt echt iets te kiezen. En het kan nog alle kanten op in de Hofstad. Volgens TNS Nipo wordt de Partij van de Arbeid de grootste, met negen zetels tegen zeven voor de PVV. Maar tegelijkertijd zegt opiniepeiler Maurice de Hond dat de Partij voor de Vrijheid in Den Haag de grootste zou kunnen worden.

De kans is dus groot dat één van de twee partijen – of misschien zelfs allebei – straks aan het Spui op het pluche plaatsneemt. Mocht het tot collegevorming komen, dan sluit Sietse Fritsma geen enkele partij uit. Voor Van Nieuwenhoven ligt dat genuanceerder. ‘Op basis van het partijprogramma zie ik zo verschrikkelijk weinig overeenkomsten tussen de PvdA en de PVV, dat ik het eigenlijk onmogelijk acht dat wij samen kunnen werken in Den Haag.’

Of ze het uitsluit? ‘Dat zou de PVV wel willen, want dan kun je grote discussies over cordon sanitair en democratie gaan houden. Ik zeg alleen dat het mij op basis van de inhoud schier – dat is een mooi Fries woord meneer Fritsma – onmogelijk lijkt om met de PVV samen te werken.’

 

‘Dan is het einde Aboutaleb, ja’

Leefbaar Rotterdam-lijsttrekker Marco Pastors en PvdA-man Dominic Schrijer bekvechten erop los, maar in werkelijkheid zijn ze het vaak roerend eens.

Door

Marcia Nieuwenhuis namens De Pers

Leefbaar Rotterdamlijsttrekker Marco Pastors betreedt even voor tienen de lobby van het Hilton Hotel op steenworp afstand van het stadhuis aan de Coolsingel. Als hij constateert dat zijn tegenstrever PvdA-lijsttrekker Dominic Schrijer er nog niet is zegt hij fijntjes: ‘De PvdA hobbelt áltijd achter ons aan.’

Waar PvdA-leider Wouter Bos en CDA-leider Jan Peter Balkenende soms de schijn ophouden dat het met hun chemie wel goed zit, wagen deze heren daar niet eens een poging toe. Pal voor de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart zijn de lijstaanvoerders van de grootste partijen uit de Rotterdamse raad een haast onafscheidelijk duo. ‘We kunnen bijna carpoolen’, grapt Schrijer. Of ze dat ook doen? Pastors: ‘Nee joh, we maken liever wat extra benzine op.’

Schrijer, die ook PvdA-wethouder is, pakt de uit striptekeningen bestaande Leefbaar Rotterdam-verkiezingsfolder van tafel. ‘Als je dit ziet, denk je dat Rotterdam één grote bak ellende is. Vuil, boerka’s, mannen met jurken en baarden, dat is geen realistisch beeld van de stad. Rotterdammers zijn kankeraars, maar waarderen het als je doorpakt. Als je wilt dat mensen zich binden aan de stad, moet je niet elke keer wat misgaat zo uitvergroten. De keuze die wij voorleggen is optimistisch realistisch.’

MP: ‘Jullie proberen alles met de mantel der liefde te bedekken, maar Rotterdam is de stad met de grootste problemen en de meeste uitkeringen van Nederland. Niet voor niks zit Leefbaar Rotterdam hier. Bewoners hebben in 2002 de noodklok geluid. Maar de PvdA ziet liever alleen de rozige kant van het geheel. Wij houden van problemen.’

DS: ‘Je moet niet alleen het chagrijn en het verdriet van de stad zo prominent naar voren brengen. Wij kijken naar de vitaliteit van de stad, de kracht van de mensen. Mijn moeder is bejaardenverzorgster geweest, mijn vader automonteur. Zij hebben laten zien dat – als je je inzet – het wat kan worden.’

MP: ‘Nu haal jij je achtergrond erbij. Dat mag je van mij, ik vind dat normaal. Jij meet echter met twee maten. Als ik dat bij onze burgemeester Aboutaleb doe, mag dat niet.’

DS: ‘Bij Aboutaleb is het interessant dat hij is opgegroeid in een bergdorp waar geen onderwijs was. Dat hij analfabeet was en via de LTS en de MTS naar de HTS ging. Dat die man het beste uit zichzelf heeft gehaald. Dat heeft niks te maken met het feit dat hij islamiet is. Mensen kwamen hier naartoe vanuit het platteland om vooruit te komen, eerst uit Nederland, daarna vanuit het Middellandse Zeegebied. Met die mensen is deze stad groot geworden. Dat bindt ons.’

‘Onthutsend’

Afkomst, het is een heikel thema in de havenstad. Al bij de voordracht van PvdA-staatssecretaris Ahmed Aboutaleb als burgemeester van Rotterdam in oktober 2008 ging het mis. Fractieleider Ronald Sørensen van Leefbaar Rotterdam was furieus. ‘Aboutaleb is alleen gekozen vanwege zijn afkomst’, klonk het. Hij noemde het ‘niet slim om uitgerekend een representant te kiezen van een groep die in heel Nederland en in Rotterdam problemen veroorzaakt’. De uitspraken die Sørensen deed en later afzwakte, staan Schrijer nog helder voor de geest. ‘Het was onthutsend.’

Aboutaleb heeft nog jaren te gaan als burgemeester van Rotterdam, maar na vier jaar oppositiebankjes heeft ook de partij van Pastors maar één doel voor ogen: terug op het pluche. Een merkwaardige situatie omdat Leefbaar Rotterdam na de uit de hand gelopen strandrellen in Hoek van Holland expliciet het vertrouwen in de burgemeester heeft opgezegd.

DS: ‘Tja, hoe moet dat nou, Marco, in het college met een burgemeester die je niet vertrouwt?’

MP: ‘Het probleem is dat hij als burgemeester een heel slechte start maakt. Maar zolang je de absolute meerderheid niet hebt, moet je het met andere partijen eens worden.’

DS: ‘Dus als je de meerderheid krijgt in de raad, gaan jullie Aboutaleb ontslaan? Zou je dat doen, als je de kans krijgt? Het is goed voor de bevolking om dat te weten.’

MP: ‘Het is jammer dat je er burgemeestersverkiezingen van probeert te maken, daar zou ik voor willen waken. Als je de veiligheid wilt verbeteren, als je wilt dat er wordt bezuinigd op de overheid, als je wilt dat de deelgemeenten worden afgeschaft…’

DS: ‘Als je wilt dat de burgemeester wordt ontslagen, stem dan Leefbaar Rotterdam.’

MP: ‘Als we een meerderheid krijgen, dan is het einde Aboutaleb, ja.’

DS: ‘Maar Marco, waarom haal je in de debatten zijn afkomst erbij? Wat doet het ertoe? Wat doet het ertoe dat Peter Rehwinkel homo is? Wat doet het ertoe dat Job Cohen joods is?’

MP: ‘Als het er niet toe doet waarom stoor je je er dan zo aan? Ik zeg dat ik uit Gelderland kom. Jij zegt dat je zoon bent van een automonteur en hij komt uit Marokko.’

DS: ‘In een stad met 174 nationaliteiten moet je mensen beoordelen op wat ze doen en wat ze nalaten, niet op hun geloof, huidskleur of afkomst. De jeugd wil ook aangesproken worden op wat ze zélf doen en niet op hun ouders, grootouders, imam, of land van herkomst.’

MP: ‘Wij beoordelen Aboutaleb ook op de fouten die hij maakt en in de bespreking daarover komen ook wel eens andere dingen voorbij. Maar het debat werd gevoerd omdat het grootste schietincident in de politiegeschiedenis heeft plaatsgevonden onder zijn verantwoordelijkheid.’

DS: ‘Er zijn grove fouten gemaakt. Er is een heftig debat over gevoerd waarbij de burgemeester zijn eigen verantwoordelijkheid heeft genomen. Volgens mij verdient dat lof, maar Leefbaar Rotterdam ziet van het begin af aan deze burgemeester niet zitten. Sinds de komst van Aboutaleb zijn er een hele hoop kwetsende en beledigende uitspraken gedaan aan het adres van grote groepen Rotterdammers. Dat is niet een enkele keer uit de bocht vliegen.’

Allebei zijn ze scherp, rap van tong en deinzen ze er niet voor terug om elkaar de mantel uit te vegen. Maar tussen de regels door valt op dat de twee lijstaanvoerders het eigenlijk opvallend vaak met elkaar eens zijn. Ze delen niet alleen de kritiek op het optreden van de burgemeester na de strandrellen in Hoek van Holland.

Leg de verkiezingsprogramma’s naast elkaar en het is welhaast een spelletje zoek-de-verschillen. Algemeenheden als meer ruimte voor ondernemers, een kleinere overheid en minder regels delen ze, maar ook in specifiekere beleidsmaatregelen vinden ze elkaar. Samen vinden ze de dat veiligheidsambities omhoog moeten. Minstens naar het cijfer 8, geven ze allebei expliciet te verstaan. Samen pleiten ze voor een scheiding van kerk en staat en willen ze extra geld uittrekken voor scholen en leraren. Beiden willen agressie tegen hulpverleners harder bestraffen.

Alleen in de verkiezingsretoriek, komen de gelijkenissen niet direct naar voren. Ze bekvechten wat af. Maken ruzie over wie de credits verdient voor het in stand houden van de brede scholen. En kibbelen over wie het meest heeft gedaan aan de jeugdwerkloosheid. Maar ondertussen zijn ze het dus eigenlijk roerend eens.

Zo eist Schrijer de credits op voor het starten van het debat over het verplicht spreiden van ‘kansarme nieuwkomers’. Schrijer: ‘Het spreidingsdebat is ooit begonnen doordat ik aangegeven heb dat er in Zuid een te hoge concentratie is van kansarme nieuwkomers.’ Bij Leefbaar Rotterdam is dit beter bekend onder de noemer: ‘allochtonenstop’.

Als Schrijer stelt dat Leefbaar Rotterdam zaken als investeren in brede scholen, meer lestijd voor kinderen en minder jeugdwerkloosheid afdoet als ‘linkse hobby’s’, verheft Pastors zijn stem. Die opmerking schiet bij hem duidelijk in het verkeerde keelgat. Hij zegt boos: ‘Wíj hebben er in de raad voor gezorgd dat die bezuiniging op de brede scholen die jouw collega heeft voorgesteld niet doorgaat..!’ Door elkaar heen pratend vervolgen ze hun betoog.

MP: ‘Dit zijn leugens! Nu ben ik erbij om ze recht te zetten. Maar als ik er niet bij ben, vertel je ze weer!’

DS: ‘Marco, even rustig jongen!’

MP: ‘Wie heeft er nou die brede scholen gered!?

DS: ‘Het college heeft met raadsbrede steun, ook van Leefbaar Rotterdam, het voorstel aangenomen. Ik begrijp niet waar je je zo druk om maakt. We zijn het eens.’ Blijkbaar willen de heren dus allebei de brede scholen redden. En zo eensgezind zijn de lijstaanvoerders ook over de door Geert Wilders voorgestelde kopvoddentaks op het dragen van hoofddoeken.

MP: ‘De hoofddoekjestaks? Dat gaat veel te ver.’

DS: ‘Je hebt gezegd geen boete van 1.000 euro, maar van 500.’

MP: ‘Dat was bedoeld als humor, maar dat hebben jullie bij de Partij van de Arbeid niet.’

DS: ‘Bij kritiek zeg je wel vaker dat het een grapje of een emotionele oprisping was.’

MP: ‘Jij dacht serieus dat wij een andere tarieventabel hadden voor dit verschijnsel? Denk na, over twintig jaar schaam je je dood voor dit soort uitspraken.’

PVV-flirt

Volgens PvdA-lijsttrekker Schrijer is Leefbaar Rotterdam sinds 4 maart 2009 ‘doorgeschoten in het doen van kwetsende uitspraken’. Op die dag kondigde Geert Wilders aan mee te willen doen aan de gemeenteraadsverkiezingen. Openlijk flirtte de PVV-leider daarna met de Rotterdamse gemeentepolitiek.

Nagenoeg niemand twijfelde eraan dat Wilders’ PVV een gooi naar de macht zou doen in Rotterdam. Zeker toen hij bij de Europese verkiezingen in één klap 22 procent van de stemmen binnenhaalde. Niet voor niets benadrukte fractievoorzitter Sørensen dat zijn Leefbaar Rotterdam en de PVV op 95 procent van de onderwerpen op één lijn zitten en dat Wilders beter zijn heil beter kon zoeken ‘in het linkse bolwerk Amsterdam’.

Deelname bleef uit, omdat de PVV niet genoeg geschikte mensen aan zich zou hebben kunnen binden of misschien toch de strijd met Leefbaar niet aandurfde. Van Wilders volgde slechts een stemadvies. Had hij in de havenstad gewoond, dan ging zijn stem naar Leefbaar Rotterdam. Het verbaasde Schrijer niet. ‘Kijk eens naar de snelheid waarmee Leefbaar zijn voorstellen overnam. Het dubbele paspoort, de hoofddoekjestaks, het minarettenverbod…’

MP: ‘Het durven aanpakken van belangrijke symbolische onderwerpen is toch echt hier begonnen. Ik ben degene die als wethouder heeft gezegd: kunnen die minaretten niet wat lager.’

DS: ‘Meneer Wilders heeft het van jou overgenomen. Nou geweldig Marco.’ Schrijer lacht. ‘Daaruit blijkt maar weer hoe jullie op elkaar lijken. Ik was al overtuigd, maar volgens mij is de lezer dat nu ook.’

MP: ‘Wat zeg je nou? Er is toch geen gesprek met jou te voeren zo? Ik word er een beetje akelig van.’

Grote vraag die overblijft is of de twee lijstaanvoerders die nu zo stekelig tegen elkaar doen, na de ver verkiezingen wél samen in één college gaan zitten. ‘Samenwerking voor de komende vier jaar is niet handig’, zegt Schrijer diplomatiek. Pastors verklaart dat hij op zijn beurt de PvdA niet uitsluit, en benadrukt dat Schrijer ook slechts zegt dat het ‘niet handig’ is. ‘Moeten we de kiezers niet laten kiezen?’ vraagt de Leefbaar Rotterdammer zich hardop af. Schrijer antwoordt: ‘Uiteindelijk is het aan de kiezers om een uitspraak te doen, maar wij gaan niet met Leefbaar in één college.’

Juryrapport

‘De tweegesprekken zijn spannend en gaan stukken verder dan de oneliners waartoe politici zich in tv-debatten vaak beperken.’

Marcia Nieuwenhuis

Marcia Nieuwenhuis is vooral actief als politiek redacteur van De Pers. Tijdens het zomerreces verlegt zij haar grenzen in buitenlandjournalistiek. In 2010 maakte zij aan de vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen twee opmerkelijke dubbelinterviews: in Rotterdam met Marco Pastors van Leefbaar Rotterdam en Dominic Schrijer van de PvdA en in Den Haag met Sietse Fritsma (PVV) en Jeltje van Nieuwenhoven (PvdA). De jury kan, gelet op de reserves die de gespreksdeelnemers aanvankelijk tegenover elkaar toonden, zich voorstellen dat het geen sinecure was ze bij elkaar te brengen. Maar het kan ook niet altijd makkelijk zijn geweest de gesprekken in goede banen te leiden. Voor de lezer wordt het in ieder geval glashelder hoe de kemphanen tegenover elkaar staan, terwijl zij tegelijkertijd ook tot elkaar veroordeeld zijn in het gemeentebestuur. De tweegesprekken zijn spannend, maar gaan stukken verder dan de oneliners waartoe politici zich in tv-debatten vaak (moeten) beperken.

Nieuwenhuis  is een voorbeeld van een generatie, die met nieuw elan en nieuwe ideeën over journalistieke vorm en aanpak het politieke nieuws verslaat en beschouwt. Dat levert verfrissende verhalen op. Zij is in de ogen van de jury dan ook het journalistieke talent van 2010.