Onrust onder artsen na suïcide van collega

Onder artsen is grote onrust ontstaan na de zelfmoord vaneen 58-jarige huisarts uit Tuitjenhorn. De huisarts werd zes dagen voor zijn dood door de inspectie geschorst na een melding over zijn handelen tijdens het overlijden van een terminale patiënt. De melding kwam van een collega-arts uit het AMC.

Door

Maud Effting en Anneke Stoffelen namens de Volkskrant

De huisarts uit Tuitjenhorn, Nico Tromp, diende in augustus een 59-jarige kankerpatiënt op zijn sterfbed een dosis morfine toe. Korte tijd later overleed de man.

Het ging om palliatieve zorg voor een patiënt in de terminale fase. De man was eerder geopereerd aan slokdarmkanker en was door het ziekenhuis naar huis gestuurd omdat hij thuis wilde overlijden. Op de avond dat huisarts Tromp bij zijn patiënt werd geroepen, had de man het erg benauwd. Volgens zijn weduwe dreigde de man te stikken en wilde hij niet verder meer. Toen de huisarts binnenkwam, zei hij volgens haar: ‘Man, man, wat ben jij er slecht aan toe, hier moeten we snel wat aan doen.’ Daarna meldde hij dat hij iets ging halen.

De familie van de man is tevreden.‘Hij heeft hem geholpen’, aldus de weduwe tegen RTV Noord-Holland. ‘We zijn blij dat het zo is gegaan. Mijn man kon niet meer, hij was op. Ik vind dat dokter Tromp het goed gedaan heeft.’ Niet iedereen dacht daar zo over. Bij het overlijden was een co-assistent van het AMC aanwezig, een studente geneeskunde. Zij liep mee met de huisarts.

Volgens een AMC-woordvoerder riepen de gebeurtenissen bij haar vragen op. ‘Maar ze kreeg hierop onvoldoende antwoorden van de huisarts. Vervolgens is ze – terecht – naar haar begeleider gegaan, een ervaren huisarts. Die heeft overlegd met onze hoogleraar medische ethiek. Deze twee artsen besloten dat de gebeurtenissen zo ernstig waren dat ze niets anders konden doen dan onverwijld melding hier van te maken bij de inspectie.’

Haar begeleider belde uiteindelijk met de inspectie. ‘Ook achteraf zijn deze twee ervaren artsen nog steeds van mening dat de co-assistent uitstekend heeft gehandeld’, zegt de AMC-woordvoerder. ‘Daar kan geen misverstand over ontstaan.’

Na de melding kwam de inspectie in actie en schakelde ze justitie in. Daarop vielen meerdere rechercheurs tegen middernacht bij de huisarts binnen. De man werd urenlang verhoord, in aanwezigheid van de inspectie. Ook de weduwe van de patiënt werd drie dagen na de begrafenis van haar man urenlang gehoord door de politie.

De inspectie stelde de huisarts op 2 oktober op non-actief. Volgens de dienst had hij ‘onzorgvuldig gehandeld en richtlijnen genegeerd’. ‘De inspectie heeft geen vertrouwen in verantwoorde zorgverlening door huisarts Tromp’, aldus het bevel op de site.

Na de inval van de politie raakte de huisarts psychisch uit balans. Zes dagen na de schorsing pleegde hij zelfmoord. Tromp stond bekend als een joviale, extraverte arts die hart had voor zijn patiënten. Zijn praktijk is nog altijd een zee van bloemen.

Tromp begeleidde al twee jaar lang huisartsen in opleiding van de VUmc. Het academische ziekenhuis zegt dat hij goed bekend stond en dat er geen signalen waren dat er iets mis zou zijn geweest in de begeleiding.

De inspectie en justitie doen geen mededelingen over wat zich precies heeft afgespeeld. Volgens de richtlijnen mag een arts niet zo veel morfine toedienen dat een patiënt overlijdt. Toch komt dit in de praktijk geregeld voor, als een patiënt erg lijdt.

Door het zwijgen van de inspectie is niet bekend of morfine de doodsoorzaak is van de patiënt. Ook is onduidelijk of er nog andere redenen zijn geweest waardoor de co-assistente bij haar begeleider alarm sloeg. Onderartsen in Nederland is inmiddels grote commotie ontstaan. ‘Veel huisartsen vragen zich inmiddels af of ze nu ook zomaar de politie aan de deur kunnen krijgen als ze aan palliatieve zorg doen’, zegt Hans Gimbel, voorzitter van de huisartsengroep in Heerhugowaard. ‘Deze huisarts is als een crimineel behandeld.’

Huisartsen vragen zich nu massaal af hoeveel morfine ze mogen spuiten bij deze patiënten, stelt hij. ‘Wat mag nog wel, en wat mag niet? Als je zelf voor zo’n patiënt staat, en iemand lijdt, dan moet je iets doen. Maar niet elke patiënt past precies in de protocollen. Dit geeft grote onzekerheid, zolang de inspectie niet zegt wat er is gebeurd.’

Ook hoofd huisarts opleiding van de VUmc, Nettie Blankenstein, ziet grote beroering onder artsen. ‘Aan een stikkende patiënt morfine toedienen, is verantwoord medisch handelen. Of het volgens de regels was,dat is nog de vraag. Maar dat hier zo agressief op wordt gereageerd, alsof je een misdadiger bent, dat is erg bedreigend.’

 

‘Man, wat gaat het slecht met je. We moeten wat doen’

Door

Maud Effting en Anneke Stoffelen namens de Volkskrant

Het verhaal van huisarts Nico Tromp(59) begint in augustus van dit jaar,op de dag dat hij terug is van vakantie. Twee weken lang is hij weggeweest uit Tuitjenhorn, het dorp waar hij al jarenlang de enige huisarts is. Hij is een huisarts die bekend staat als een flamboyant man. Open. Opvallend. Het hart op de tong.

Zijn collega-huisarts Eugène Steenvoorde uit Waarland noemt hem een luidruchtige, opgewekte man. ‘Hij was impulsief. Iemand die in je comfortzone kon komen. Sommige mensen vonden dat leuk, anderen namen daar aanstoot aan.’ Op de eerste maandag dat hij terug is in de praktijk, krijgt Tromp een telefoontje. Het is de vrouw van zijn patiënt Theo Spaansen. Een man van 65 die al negen maanden lijdt aan slokdarmkanker.

Tot voor kort leek alles redelijk te gaan. ‘Deze zomer deed hij nog mee aan de zwemvierdaagse’, zegt zijn broer Jan Spaansen. ‘Voor de dertigste keer. Tegen de dokter zei hij: ach,dan heb je wat om handen. Zo was hij. Nooit klagen, altijd werken. Hij liep zes marathons in zijn leven.’

Juist tijdens de vakantie van de huisarts is zijn toestand verslechterd. ‘Theo kon niet meer eten’, zegt zijn broer. ‘Toen we een paar weken ervoor in het ziekenhuis waren, zakte hij bijna in elkaar van ellende. Hij kon niet meer lopen. Eenmaal thuis, zat hij in elkaar gedoken op de bank. Zachtjes zei hij: het gaat wel weer. Maar diezelfde avond riep hij ineens: het gaat niet goed. Met gillende sirenes is hij afgevoerd naar het ziekenhuis.’

Mijn broer was, zegt Spaansen, op sterven na dood. Al praatte hij daar niet veel over. ‘Hij wist het wel, maar hij had een geweldige drang om te leven.’

Zondagavond 18 augustus heeft Steenvoorde weekenddienst. Hij bezoekt Theo. ‘Ik vond hem een ernstig benauwde man. Of het letterlijk stervensbenauwd was, is moeilijk te zeggen. Nood is heel relatief.’ Tegen de nachthulp zegt Theo die avond: ‘Ik wil niet meer, ik wil weg.’De volgende ochtend vindt zijn vrouw Elly dat het zo niet langer kan. ‘Hij had veel pijn, was heel benauwd en was aan het trappen in zijn bed’, vertelt zij aan RTV Noord-Holland. Ze heeft gehoord dat huisarts Tromp terug is van zijn vakantie. Om kwart over acht belt ze de praktijk. Ze zegt dat het niet goed gaat. Maar die boodschap komt niet goed door.

Diemiddagbelt Tromppas rond twee uur aan bij het huis van Theo. Met zijn co-assistent, een zesdejaars studente geneeskunde uit het Academisch Medisch Centrum Amsterdam(AMC), stapt hij binnen. Dan ziet hij pas de ernst van de situatie in. ‘Man man, wat ben jij er slecht aan toe’, zegt hij. ‘Hier moeten we snel wat aan doen.’

Collega Steenvoorde vertelt dat Tromp op dat moment enorm schrikt. ‘Hij voelde zich vreselijk schuldig dat hij er zo laat was, vertelde hij mij later. Hij dacht: ik moet iets doen.’

SPUIT MET MORFINE

19 AUGUSTUS

Tromp vertrekt samen met de co-assistente naar de praktijk om morfine en dormicum (een middel voor palliatieve sedatie,om het bewustzijn van een terminale patiënt te verlagen) te halen. ‘Hij speerde naar zijn praktijk’, aldus Spaansen. ‘Daar gaf hij de co-assistent de opdracht om een spuit met een aantal ampullen morfine te vullen’, vertelt een woordvoerder van het AMC. ‘Het waren er rond de twintig.’

Volgens Steenvoorde was het nog meer: in totaal 1 gram morfine. ‘Die dosering was niet noodzakelijk. Ik denk dat hij er zeker van wilde zijn dat de patiënt niet meer wakker werd. Het past bij het impulsieve van Nico, dat hij hem echt goed wilde helpen.’

De co-assistent weigert. Ze vindt de dosis te hoog. Ze vraagt ze zich af of ze de patiënt hiermee niet dood zullen maken. ‘Nee, dat is zoals het hier gaat’, antwoordt de huisarts volgens het AMC. ‘Daar hoef jij je niet druk over te maken.’ Daarop doet huisarts Tromp het zelf. Hij zegt volgens het ziekenhuis tegen haar dat hij niet met morfine pompen werkt en geen euthanasieprotocollen wil volgen. ‘Hij beweerde ook dat hij dat vaker zo deed’, aldus het AMC.

De co-assistent is ‘ontsteld’ over de hoeveelheden morfine en dormicum die hij in zijn praktijk heeft, aldus het AMC. Ze zou dozen vol met ampullen hebben gezien. Samen stappen ze opnieuw in de auto. Ze hebben volgens het ziekenuis drie spuiten bij zich: twee met morfine, een met dormicum. Als ze er weer zijn, lopen ze naar de huiskamer waar Theo in zijn bed ligt. Daar treffen ze ook de wijkverpleegkundige.

Over Theo’s toestand verschillen de meningen. Zo stelt het AMC dat hij niet in doodsnood was. ‘Wij hebben van de inspectie begrepen dat het niet ging om een noodsituatie of een acute benauwdheid.’ Zijn vrouw Elly zegt tegen RTV Noord-Holland iets anders. ‘Hij zou gestikt zijn als de dokter niet had ingegrepen. Zijn longen waren volgelopen met vocht, ertussen en erachter.’

Vijf minuten

Dan is het zover. Huisarts Tromp geeft de man één injectie met morfine en één met dormicum, aldus het AMC. De wijk verpleegkundige maakt volgens het ziekenhuis op dat moment een kritische opmerking over de dosis. ‘De huisarts beweerde vervolgens tegen haar dat het hoofdzakelijk vulling was,meteen beetje morfine.’

Zorginstelling Evean heeft een andere lezing. ‘Onze wijkverpleegkundige ontkent ten stelligste dat zij zich kritisch heeft uitgelaten over de hoeveelheden morfine’, zegt directeur Hans Admiraal. ‘Het was een puur informatieve vraag,omdat wij deze hoeveelheden dienen te noteren in het zorgdossier. Zij heeft de gegevens opgeschreven. Was het om een buitensporige hoeveelheid morfine gegaan,dan ligt voor de hand dat ze nadere vragen had gesteld. Dat is niet gebeurd.’Iets na drie uur vertrekken de huisarts en de co-assistent. In de auto voorspelt Tromp haar dat hij binnen een paar minuten zal worden gebeld, aldus het AMC. ‘En dat gebeurde ook. Binnen vijf minuten belden ze dat hij was overleden.’

Volgens meerdere bronnen zou de huisartsdaarop een high-fivegebaar hebben gemaakt naar de co-assistent.

Dat soort lacherig gedrag vertoonde Tromp wel vaker, zegt Steenvoorde. Hij kent hem al 22 jaar en was zijn behandelend huisarts. ‘Hij was een luidruchtige man, maakte veel grappen. Een buitengewoon betrouwbare dokter. Als hij nerveus was, ging hij lachen. Deco-assistent snapte dat natuurlijk niet. Wie gaat er nou lollig doen bij zoiets? Ze is natuurlijk ook nog jong. Daarom had hij haar tot tweemaal toe gezegd: als je het niet aankan, moet je niet meegaan. Maar ze zei steeds: ik wil het toch.’

De co-assistent is ontdaan over de gang van zaken en over de dood van de man. Volgens het ziekenhuis zei Tromp tegen haar: ‘Ik wil niet dat je hier met je begeleiders bij het AMC over praat.’ Toch stuurt ze de volgende dag een e-mail aan haar begeleider bij het AMC, zelf praktiserend huisarts. Die maakt een afspraak met haar om het hele verhaal te horen. Op donderdag vertelt ze hem alles.

Haar begeleider reageert gealarmeerd op de hoge doses morfine en dormicum die zijn toegediend. Hij overlegt met hoogleraar medische ethiek, Dick Willems. Ook die oordeelt dat dit niet kan.

Ze overleggen over de vraag of ze eerst contact op moeten nemen met de huisarts– de gebruikelijke weg. Maar om hun co-assistent als bron te beschermen – er waren immers meerdere personen bij het overlijden – besluiten ze zonder ruggespraak naar de inspectie te gaan.

Haar begeleider maakt de volgende dag melding van een calamiteit bij de inspectie, die daarop al snel het Openbaar Ministerie inschakelt. De co-assistent meldt zich de week erop ziek.

HUISZOEKING

26 AUGUSTUS

Maandagavond 26 augustus gaat om kwart over elf ’s avonds de bel bij huisarts Tromp. Zijn vrouw slaapt, maar hij is nog wakker. Hij schrikt. Voor de deur staan een rechter-commissaris, een officier van justitie en twee politieagenten.

In eerste instantie denkt Tromp dat er misschien iets met een van zijn twee zoons is gebeurd. Maar daar gaat het niet om. Justitie komt zijn woning doorzoeken. Dat gebeurt ’s avonds, volgens justitie om geen onrust te veroorzaken in de kleine gemeenschap van Tuitjenhorn en om de huisarts niet te storen tijdens zijn werk.

Nadat ze zijn huis hebben uitgekamd, vertrekken ze naar zijn praktijk, een paar straten verderop. Het AMC zegt door de politie te zijn ingelicht over wat er werd gevonden: bijzonder grote hoeveelheden morfine en dormicum, en een heliumtank. Dat komt overeen met het verhaal dat hij vertelde aan de co-assistent, dat hij in geval van nood soms helium gebruikte.

Tromp raakt die avond na de inval psychisch in de war. Volgens meerdere, onafhankelijke bronnen wordt hij suïcidaal. Zijn geestelijke toestand wordt zo ernstig dat hij zich laat opnemen in een kliniek.

Een aantal dagen lang kan hij niet worden verhoord. Dan laat hij weten dat het wel beter met hem gaat en wordt hij uit de kliniek ontslagen. Vrijwel meteen daarna onderwerpt justitie hem aan een verhoor. Urenlang wordt hij ondervraagd. Justitie zaagt hem onder meer op 6 en8september door over zijn handelen.

‘Hij is stevig verhoord’, zegt Steenvoorde. ‘Het OM vermoedde dat hij dit veel vaker had gedaan. Hij moest alle gevallen van de laatste jaren gaan toelichten. Daardoor raakte hij helemaal van de rel. Hij kon zich sommige gevallen niet eens meer herinneren. Toen is het misgegaan.’

De arts meldt zich ziek bij zijn patiënten: hij laat hen weten dat hij last heeft van een burn-out. ‘We hadden alles geregeld. Hij zou zeker een halfjaar niet meer werken’, zegt Steenvoorde.

Dat is voor de inspectie niet genoeg. Op 2 oktober komt er een brief: Tromp wordt op non-actief gezet. Op basis van het strafdossier oordeelt de inspectie dat het aannemelijk is dat hij ten aanzien van ‘meerdere competenties in hoge mate onverantwoord heeft gehandeld en dat er risico’s zijn voor de patiëntveiligheid’.

De openbaarmaking van die schorsing, twee dagen later, is een klap in het gezicht van de zo geliefde huisarts in Tuitjenhorn. ‘Hij was al op non-actief’, zegt Steenvoorde. ‘Waarom moest de inspectie dit nog doen? Dit was de doodsteek voor hem.’

In de nacht van 7op8oktober berooft dokter Tromp zich van het leven. De ambulance die de volgende ochtendom6.51 uur met spoed naar zijn huis rijdt, komt tevergeefs.

Volgens zijn huisarts Steenvoorde is hij hiervoor nooit depressief geweest.

Commotie

De commotie die na zijn zelfmoord ontstaat, groeit met de dag. En wordt –nog altijd – gevoed door het stilzwijgen van de inspectie en het Openbaar Ministerie. De weduwe van de patiënt laat al snel in een interview weten dat haar familie intens tevreden is met het optreden van Tromp. Met ingehouden woede vertelt ze haar verhaal aan een verslaggever van RTV Noord-Holland. ‘Hij heeft het keurig gedaan, echt waar.’

Tegen de rechercheurs die haar verhoren, zegt ze: ‘Als jullie zo slecht komen te liggen als mijn man,dan hoop ik voor u dat u ook zo geholpen wordt.’

En daarmee stipt ze de kern aan van de discussie die inmiddels al weken gaande is onder huisartsen: moet het bij een dokter gaan om het volgen van de richtlijnen of om het welzijn van de patiënt? Het beste voor de stervende komt niet altijd overeen met de wettelijke richtlijnen rondom het levenseinde.

‘Tromp was echt te goeder trouw’, zegt Steenvoorde. ‘Ik stoor me eraan dat dat door niemand wordt gezegd in het debat.’

Maar voor het AMC is duidelijk dat hier sprake is van ‘meer dan buiten de lijntjes kleuren door een dokter’. ‘Ons is uit het verleden geen situatie bekend meteen dergelijk verregaand karakter.’

De familie van de patiënt is boos over de criminalisering van de dokter die hen zo humaan heeft bijgestaan. ‘Ik hoop dat de dood van dokter Tromp de wetgever en samenlevingheeft wakker geschud en dit toteen begrijpelijker en humaner wetgeving leidt’, zegt broer Jan Spaansen.

‘Nu zijn ze er met gestrekt been ingegaan, alsof het om een seriemoordenaar zou gaan.’

 

‘Hij trok ook wel eens een zak over iemands hoofd’

Huisarts Nico Tromp,die onlangs zelfmoord pleegde nadat hij door de inspectie op non- actief was gesteld, heeft tegen een co-assistent gezegd dat hij ‘ook weleens een zak over iemand hoofd had gedaan’. Dat blijkt uit het verslag van de co-assistent van het Amsterdam Medisch Centrum (AMC), dat in bezit is van de Volkskrant.

Door

Maud Effting en Anneke Stofelen namens de Volkskrant

Met het relaas van anderhalf A4 is de zaak- Tuitjenhorn aan het rollen gebracht. Naast de toedracht rond het toedienen van 1gram morfine aan een terminale kanker patiënt in het Noord-Hollandse Tuitjenhorn, beschrijft de co-assistent hoe Trompover euthanasie dacht. Het zou ‘veel administratie kosten’ en ‘het duurt ook allemaal lang’.Toen de co-assistent geschrokken reageerde op de zak over het hoofd,zei hij dat ‘de CO2 dood een hele zachte dood is’. Ook had hij helium in de praktijk voor ‘dit soort gevallen’.

Het AMC bevestigt dat dit het verslag is dat ook naar de Inspectie voor de Gezondheidszorg is gestuurd. De co-assistent schrijft: ‘Hij zei: en dit ga je natuurlijk niet op de opleiding vertellen,want dan hang ik, dat snap je wel.’

De inspectie maakte vrijdag het zogeheten bevel van 2 oktober openbaar, waarin zij uiteenzet waarom Tromp een ‘acuut gevaar voor de patiëntveiligheid ’vormde. Het ondersteunende feiten relaas gaat over het overlijden van de terminale patiënt op 19 augustus. Tromp diende toen 1 gram morfine toe en 350 milligram dormicum. ‘Een extreme hoeveelheid’, Aldus hoofdinspecteur Josée Hansen van de inspectie.

Dit handelen is Tromp nog eens extra aan te rekenen, omdat de patiënt zijn eerder afgegeven euthanasieverklaring had ingetrokken.

Het is voor het eerst dat de inspectie een zaak van levensbeëindiging door een arts heeft overgedragen aan justitie.

Overigens zeggen de nabestaanden van de patiënt tevreden te zijn met het optreden van Tromp.

Enkele dagen nadat naar buiten was gekomen dat hij op non-actief was gesteld, pleegde de huisarts zelfmoord. De familie Tromp laat nu weten boos te zijn op de inspectie. Die kondigde donderdagavond aan met informatie naar buiten te komen, tenzij de familie bezwaar zou maken. ‘Nu moesten we beslissen ten overstaan van de hele wereld’, zegt advocaat Cor Hellingman namens de familie.‘ De weduwe voelt zich in de kou gezet door de inspectie.’

Onder huisartsen was de afgelopen tijd veel beroering over de zaak. De inspectie en justitie zouden roekeloos hebben gehandeld, zonder eerst de kant van Tromp zelf te horen. Nu meer feiten bekend zijn, kantelt de discussie.

Hans Gimbel, voorzitter van huisartsengroep Heerhugowaard, zegt dat de hoeveelheden morfine en dormicum die Trompheeft gebruikt ‘nauwelijks voorstelbaar’ zijn. Huisarts Roelof Moes in Nijeveen sluit zich daarbij aan.

Ze vinden dat de inspectie eerder opening van zaken had moeten geven. Dat had veel onrust kunnen voorkomen.

 

‘Zo veel morfine, dat is geen palliatieve sedatie meer’

Door

Anneke Stoffelen namens de Volkskrant

De inspectie is hard in haar oordeel over het handelen van huisarts Tromp. ‘Er was een direct gevaar voor de patiëntveiligheid.’

Welke elementen in deze zaak rekende de inspectie huisarts Tromp het zwaarst aan?

‘Allereerst is er het feit dat er geen euthanasieverklaring was. De patiënt had weliswaar op 4 juni 2013 een algemene euthanasieverklaring ondertekend, maar die heeft hij later ingetrokken. Hij heeft aangegeven de weg van palliatieve sedatie te verkiezen, mocht het zover komen. Dan is er de extreme hoeveelheid morfine van 1.000 milligram die is toegediend. Dat heeft met palliatieve sedatie niets meer te maken. Uit de gang van zaken blijkt dat de huisarts de richtlijnen rondom het levenseinde op vele vlakken ernstig heeft geschonden.

De inspectie heeft ervoor gekozen de zaak door te spelen naar justitie, zonder eerst de huisarts zelf te horen. Waarom?

‘Omdat hier geen sprake was van euthanasie of palliatieve sedatie, maar van een zware verdenking van het plegen van een strafbaar feit. Wij zijn verplicht daarvan aangifte te doen. Als inspectie zetten we onszelf dan op een zijspoor, omdat een strafonderzoek voorgaat opeen onderzoek naar de medische omstandigheden.’

Uiteindelijk werd huisarts Tromp op 2 oktober door de inspectie geschorst. Wat was daarvoor de belangrijkste reden?

‘Wij hebben op gegeven moment het procesdossier van justitie gekregen. Daarin werd de lezing van de co-assistent bevestigd. De huisarts is ernstig over de schreef gegaan. Er was een direct en ernstig gevaar voor de patiëntveiligheid. Gezien de omstandigheden was er in onze ogen een gerede kans op herhaling.’

De huisarts stelde in zijn zienswijze dat er geen herhalingsgevaar was, omdat hij zich op het moment van het bevel al had ziek gemeld. Daarmee was het optreden van de inspectie overdreven, oordeelde hij.

‘Dat is een onjuiste redenering. De arts was ziek, inderdaad, maar als wij niet hadden opgetreden, had hij op elk moment dat hij zich beter voelde gewoon weer met patiënten kunnen gaan werken. Dat risico konden wij niet nemen.’

De inspectie is verweten veel te lang te hebben gezwegen over deze zaak.

‘Normaal gesproken wordt de toelichting bij een bevel direct geopenbaard. In deze zaak kon dat niet, omdat openbaarmaking ervan het strafonderzoek van justitie zou doorkruisen. Dat argument verviel toen op 8 oktober de huisarts overleed en justitie het dossier sloot. Op dat momentheeft de inspectie gemeend te moeten wachten met publicatie uit piëteit met de nabestaanden in deze zaak.’

Uit de reacties van huisartsen op deze zaak spreekt een enorm wantrouwen jegens de inspectie. Schrok u daarvan?

‘Ik begrijp dat als er zo veel vragen zijn over de regelgeving rondom palliatieve sedatie, dat het nodig is dat daar een debat over wordt gevoerd. Ik heb me in deze kwestie wel verbaasd over de felheid van de reacties. Sommige medici leken er geen rekening mee te houden dat de feiten ook nog anders konden liggen dan zij op dat moment dachten. Ik hoop dat na publicatie van dit stuk het vertrouwen is hersteld en het debat tot de juiste proporties wordt teruggebracht.’

 

AMC: geen reden om te twijfelen aan verhaal van co-assistent

Door

Maud Efting en Anneke Stoffelen namens de Volkskrant

Huisarts Nico Tromp diende op19 augustus een enorme hoeveelheid morfine toe aaneen terminale patiënt, die daarna snel overleed. Een aanwezige co-assistent trok aan de bel bij haar opleider van het AMC. Later deed de inspectie aangifte. Justitie verdacht de huisarts van moord, zegt zijn weduwe. Zij stelt dat die aanklacht en de snelle opstapeling van gebeurtenissen Tromp tot wanhoop dreven. Op 8 oktober pleegde hij zelfmoord.

Was de aanklacht van moord niet voorbarig of overtrokken?

De huisarts diende de enorme hoeveelheid van 1 gram morfine en 350 microgram dormicum toe. Volgens het verslag van de co-assistent deed hij dat om de patiënt te laten sterven, zonder euthanasieprocedure. ‘Hij zei: we helpen hem gewoon naar de lieve heer.’De co-assistent schrijft dat de huisarts na het overlijden in de auto zegt dat je ‘een lapzwans bent als je het niet zo doet’. Tijdens het gesprek in de auto vertelt Tromp dat hij vindt dat euthanasie veel administratie kost, ‘en het duurt ook allemaal lang’. De co-assistent: ‘Toen vertelde hij dat hij ook wel eens een zak over iemands hoofd had gedaan en toen ik geschrokken reageerde zei hij dat de CO2-dood een hele zachte dood is. Ook helium had hij in de praktijk voor dit soort gevallen.’

Advocaat Cor Hellingman stelt echter namens de nabestaanden van Tromp dat de co-assistent, ‘net koud uit de collegebanken en nog zo groen als gras’,de opmerkingen van de huisarts verkeerd heeft geïnterpreteerd. ‘Het is extreem dik aangezet.’ De weduwe van Tromp zei dit weekend in Nieuwsuur dat het verhaal van de‘zak over het hoofd’ ter sprake kwam tijdens een lunch op de praktijk. Dat ging over een wanhopige terminale patiënt elders in het land die geen euthanasie kreeg en toen maar een zak over zijn hoofd had getrokken. Haar man heeft zelf zoiets nooit gedaan, zegt Anneke Tromp. De vraag of de co-assistent dus heeft gelogen over het voorval in de auto en wat voor motief zij zou kunnen hebben om dat te doen,kwam in de uitzending niet aanbod.

Onbekend is of justitie de verdenking van moord alleen baseerde op de getuigenis van de co-assistent of dat er meerbewijs was.

Had het AMC eerst wederhoor moeten plegen bij Tromp?

Het academisch ziekenhuis in Amsterdam neemt na een klacht normaal gesproken eerst contact op met de betrokkene. In dit geval stapt het ziekenhuis direct naar de inspectie. ‘Wij hadden geen reden om te twijfelen aan het verhaal van de co-assistent’, aldus het AMC. ‘Daarom moest er onderzoek komen, maar we vonden het te ernstig om het op te lossen in een intercollegiaal gesprek. Als het waarwas, bestond er bovendien kans op herhaling.

’Hiermee handelt het ziekenhuis in strijd met de gedragsregels van artsenfederatie KNMG. Daarin staat: ‘Kritiek ten aanzien van een collega dient primair met de betrokken collega te worden besproken. ’Maar, zegt een woordvoerster van de KNMG,dat is een leidraad, geen wet. ‘In uitzonderingsgevallen mag je daarvan afwijken. Daar kunnen goede motieven voor zijn.’

Wat mogelijk meespeelt, is dat het AMC Tromp helemaal niet kent: hij werkt normaliter met het VUmc. In eerste instantie dient het ziekenhuis de zaak als anonieme casus in bij de inspectie, met de vraag wat er mee moet gebeuren. ‘Dat was ook om de co-assistent  te beschermen als bron van het verhaal. ’Maar de inspectie belt meteen terug om de zaak over te nemen. Ze eist dat het ziekenhuis zegt om welke huisarts het gaat.

De weduwe begrijpt nog altijd niet waarom het AMC deze keuze heeft gemaakt ze noemt het buiten proportioneel.

‘Hij heeft dat letterlijk als een dolkstoot in zijn rug ervaren. Hij heeft niet de kans gehad om met zijn 22 jaar ervaring uit te mogen leggen wat hem bewogen heeft.’

Had de inspectie dan niet eerst de huisarts moeten horen, alvorens aangifte te doen?

De Inspectie voor de Gezondheidszorg vindt het verhaal zo alarmerend, dat direct aangifte wordt gedaan bij de politie. Weer wordt dus niet met Tromp zelf gesproken. De vraag is of dat niet had gekund. De inspectie meent zelf dat aangifte de enige optie was. ‘Er was hier geen sprake van euthanasie of palliatieve sedatie, maar van een zware verdenking van een strafbaar feit’, zegt hoofdinspecteur Josée Hansen. ‘Wij zijn verplicht daarvan aangifte te doen.’

Als de inspectie het procesdossier van justitie ontvangt, wordt Tromp door de inspectie per direct op non-actief gesteld. Hansen: ‘In het dossier werd de lezing van de co-assistent bevestigd. De huisarts is ernstig over de schreef gegaan. Er was een direct en ernstig gevaar voor de patiëntveiligheid. Gezien de omstandigheden was er in onze ogen een gerede kansop herhaling.’

Heeft het handelen van het Openbaar Ministerie de situatie onnodig doen escaleren?

Na de aangifte van de inspectie doorzoekt justitieop26 augustus de woning en de praktijk van Tromp. Dat gebeurt ’s avonds na elven. Volgens de weduwe waren er bij de doorzoeking van de praktijk vijftien man aanwezig. Critici vinden dat de huisartsdoor deze aanpak onnodig is gecriminaliseerd.

Justitie zegt dat de huiszoeking juist ’s avondslaat  plaatsvond, om geen onrust te veroorzaken in de kleine gemeenschap van Tuitjenhorn en om het werk in de huisartsenpraktijk niet te verstoren. Dat bij een huiszoeking vijftien man worden ingezet, is niet uitzonderlijk. ‘Door meteen groter aantal mensen een doorzoeking te verrichten kan elke ruimte gelijktijdig worden bekeken en verloopt een doorzoeking sneller’, aldus het OM.

Het verhoor van Tromp wordt uitgesteld, omdat hij zich met suïcidale klachten heeft laat opnemen in een psychiatrische kliniek.Op13en15 september wordt hij alsnog op het politiebureau ondervraagd. Hij is dan nog steeds opgenomen. Had justitie niet langer moeten wachten? Volgens het OM hebben de psychiater en de verdachte ingestemd met het moment van verhoor. Weduwe Anneke Tromp zegt dat haar man zich ‘in die richting heeft laten drijven’, onder het mom van ‘dan moet het maar’.De psychiater twijfelde volgens de weduwe over de haalbaarheid van een verhoor.

Uiteindelijk wordt de huisarts op 20 september ontslagen uit de kliniek. Op de vroege ochtend van 8 oktober maakt hij een eind aan zijn leven.

Juryrapport

‘De indieners voor de Tegel noemen het een journalistiek mijnenveld. En dat is het, dat was het.’

Onrust onder artsen na suïcide van collega

Een huisarts die een wel erg grote dosis morfine gebruikt om een patient uit het lijden verlossen. Grote verontwaardiging over huisarts Tromp. Een co-assistent die uit de school klapt over de praktijk van de huisarts. Het optreden van justitie en de rol van het AMC, onder wiens toezicht de co-assistant valt. En de uiteindelijke zelfmoord van de huisarts die de kritiek op zijn handelen niet aankan.

Zie hier de ingrediënten voor een goed verhaal. Maar het moet wel goed en zorgvuldig worden opgeschreven. De indieners voor de Tegel noemen het een journalistiek mijnenveld. En dat is het, dat was het.

Maud Effting en Anneke Stoffelen hebben een serie nieuwsmakende, onthullende en indringende verhalen gemaakt over de huisarts uit Tuitjehoorn.

Met de te maken opmerking dat het verslag van de co-assistent , zoals in de Volkskrant gemeld, het ‘verhaal’ over de huisarts wel in een bepaalde richting stuurde. Maar het totaal was uiteindelijk evenwichtige en goede journalistiek. Een goed voorbeeld van nieuwsverslaggeving. Het nieuws brengen en de achtergronden niet vergeten.

De Tegel